Kwallen bederven schaakpret

Of het met het warme weer te maken heeft, is niet helemaal zeker maar de schaakwereld wordt de laatste dagen geteisterd door grote hoeveelheden kwallen. Er waren altijd al veel kwallen in het schaken. We vroegen schaker/bioloog E. Zuiderweg hoe ‘t precies zit. “Je hebt de kleine kwal, dat is het verschil tussen twee lichte stukken en een toren”. De overlast die de kleine kwal veroorzaakt, is volgens de natuurkenner te overzien: lichte irritaties. “De gewone kwal -het verschil tussen een toren en een licht stuk- is daarentegen veel wijdverbreider en kan hoofdpijn en een al geheel gevoel van misère veroorzaken”. De kwallen waar we de laatste tijd zo’n last van hebben, zijn de vreselijkste kwallen. De grootste populaties van deze slijmerige en weerzinwekkende wezens vinden we terug in de besturen van schaakclubs maar bijvoorbeeld ook in (fusie)commissies, ze worden in de volksmond ook wel Blattertjes of Nosbobo’s genoemd. Schrijver dezes vindt trouwens iedereen die beter kan schaken dan hij of een hogere rating heeft een kwal.

Advertenties

Het schaakbordlieveheersbeestje herontdekt

De bekende schaker/bioloog E. Zuiderweg liet het Ot en Sien toernooi in Roden er voor schieten, maar deed die zaterdag met zijn biologenclubje een verrassende ontdekking. In de velden bij Zuidlaren vond hij het schaakbordlieveheersbeestje. Met zijn veertien hoekige zwarte stippen en dito gele vlakken doet het diertje in de verte inderdaad wel een beetje aan een schaakbord denken. De amateurwetenschapper raadt af om het insect ook daadwerkelijk als schaakbord te gaan gebruiken om een drietal redenen. Ten eerste zou je de spelregels moeten aanpassen aangezien het schaakbordlieveheersbeestje slechts 28 velden levert en een gewoon schaakbord 64 dient te hebben. Daarnaast is het een nogal klein bordje en ook nogal bol waardoor de miniatuurstukken er vaak af zouden vallen. En de derde misschien nog wel meest zwaarwegende reden is dat het bordje weg kan vliegen. Zuiderweg hoopt deze zomer nog meer schaakgerelateerde diersoorten aan te treffen. Moeder Natuur herbergt wat dit aangaat nog vele geheimen en hij kan niet wachten om weer de laarzen aan te trekken, de weilanden in te gaan en als een moderne Walewein achter al dan niet zwevende schaakborden aan te huppelen.